Wat is fair isle breien
Fair isle (ook wel stranded colourwork genoemd) is een techniek van kleurenbreien waarbij je in één naald met twee kleuren garen werkt — je breit met één kleur en voert de andere aan de achterkant mee. De naam komt van het eiland Fair Isle tussen Schotland en Noorwegen, waar deze techniek traditioneel gebruikt werd voor visserstruien.
In tegenstelling tot intarsia, waar elke kleur een eigen bolletje heeft, houd je bij fair isle beide garens vast en wissel je ze af volgens het patroon. Het niet-gebruikte garen "drijft" aan de achterzijde (floating/strands) — daarom wordt de techniek ook wel "stranded knitting" genoemd.
Basisprincipe
Het patroon wordt gelezen van een kleurenschema — een raster waar elk vakje = één steek, kleur = kleur garen. Je breit een rechte naald van rechts naar links (je leest het schema van links naar rechts bij rondom breien, van rechts naar links bij naalden). In één naald wisselen typisch stukjes van 1–5 steken van één kleur af met stukjes van de andere kleur.
Hoe twee garens vasthouden
Methode 1: Beide in de rechterhand — één over de wijsvinger, de ander over de middelvinger. Je wisselt tussen beide. Eenvoudiger voor beginners.
Methode 2: Één in elke hand — dominante kleur in de linker (continentaal), achtergrond in de rechter (Engels). Snelste methode omdat je de garens niet hoeft te wisselen. Vereist kennis van beide breiwijzen.
Drijvende draden (floats)
Het niet-gebruikte garen drijft aan de achterzijde achter de steken. Drijvende draden mogen niet langer zijn dan 5–7 steken — anders kunnen ze vastpakken aan vingers bij het aantrekken of oneffenheden aan de voorzijde veroorzaken.
Oplossing voor lange floats: Invangen (catching) — het niet-gebruikte garen vang je in met het werkgaren midden in het stuk. Leid het niet-gebruikte garen onder/over het werkgaren elke 3–4 steken, zodat de drijvende draad vastgehecht wordt aan de achterzijde.
Spanning (tension)
De meest voorkomende fout bij fair isle is te strakke spanning van de drijvende draden — het werkstuk trekt samen en krult. Oplossing: na elke kleurwisseling spreid je de steken op de rechternaald uit, zodat de drijvende draad genoeg lengte heeft. Fair isle moet even rekbaar zijn als eenkleurig breien.
Fair isle vs. intarsia
| Eigenschap | Fair isle | Intarsia |
|---|---|---|
| Aantal kleuren per naald | 2 (max 3) | Onbeperkt |
| Patroon | Herhalende motieven | Grote vlakken |
| Garenvoering | Drijvende draden (floats) | Afzonderlijke bolletjes |
| Dikte | Dubbel (2 lagen) | Enkellaags |
| Rondom breien | Ideaal | Moeilijk |
Projecten voor beginners
Hoofdband — klein rond project met eenvoudig patroon (sterretjes, hartjes). 30–40 steken, 10–15 naalden patroon.
Muts — klassiek fair isle project. Eenvoudig herhalend motief rondom de hele muts.
Vingerloze handschoenen — klein project met duidelijk patroon.